![[ NIHIL Climbing collectie 2007 ] [ NIHIL Climbing collectie 2007 ]](http://www.climbing.nl/images/nihil/nihil.jpg)
op weg naar de Ben Macdui
De Cairngorms
Door : Hanneke v.d. Boogerd.
De Cairngorms liggen halverwege Edingburgh en Inverness, het is een
bergketen waar 's winters veel geskied wordt maar waar je in de zomer ook
meerdaagse trektochten kan maken. Wij wilden een tocht van vier dagen maken
(het werden drie dagen) door het centrale deel van de Cairngorms, voor deze
tocht hadden we maar een kaart nodig; van de roze Landrangerserie de 1:50 000
kaart van Granton, Aviemore en de Cairngorms (dit is nr. 36). Voor andere
nuttige informatie en verwijzingen kun je kijken in het verhaal over wandelen
op de Hebriden, onder het
kopje algemene
info. Tijdens deze tocht wilden we ook een Munroe (de Ben Macdui, 1309m)
meepikken. Omdat in de Cairngorms alleen onbemande hutjes (bothy's) staan
zonder enige voedselvoorraad moesten we alles zelf meenemen. Om bij het
startpunt van de wandeling te komen konden we bij de camping de bus naar het
Aviemore skicentrum nemen. Er rijdt meerdere keren per dag een bus, want bij
het skicentrum is een heuse skilift die het in de zomer ook doet.
Skicentrum (650m) - Ben Macdui (1309m) - Hutchison Memorial Hut
(700m)
We zijn onze tocht bij de skiliften gestart; rechts van deze liften begint
het wandelpad. Omdat hier erg veel wordt gewandeld pleegt men veel onderhoud
aan de wandelpaden en ze zijn dan ook prima te belopen. Ons eerste doel voor
vandaag was de top van de Ben Macdui. Het pad is zeker het eerste stuk erg
duidelijk en makkelijk, het stijgt langzaam maar zeker door tot op een soort
plateau, wat vol met blokken ligt. Hier stopt het pad en moesten we de weg
verder zien te vinden aan de hand van een paar steenmannen. Na dit plateau
daalden we een stukje af naar een enorm groot blokkenveld wat we dwars over
hebben gestoken. Ook hier en daar zagen we wat steenmannen en aan de
linkerkant een meertje (Lochan Buidhe). Het meertje hebben we aan de
linkerhand gehouden en van de twee hoge bergen die we voor ons zagen hebben we
de rechtse (de hoogste, de Ben Macdui) gekozen. Het paadje wat naar de top
leidt konden we redelijk makkelijk vinden omdat we braaf de steenmannen hadden
gevolgd, het is een wat gruizig paadje maar na een niet al te lange klim
stonden we op de top. Het laatste stuk over de blokkenvelden is behoorlijk
onoverzichtelijk en zeker bij slecht weer niet aan te raden. Omdat het al
relatief hooggelegen is kun je al snel in de wolken of mist terechtkomen en
jezelf oriknteren is in dit gebied moeilijk. Ook bestaat het gevaar dat je
zonder er erg in te hebben op een rotsrand staat en dan naar beneden
tuimelt. De Cairngorms zitten namelijk vol met dit soort steile afgronden.
 bovenop de Ben Macdui
Na het behalen van de top en het bijleggen van een steen op het hoogste
punt zijn we min of meer linksaf afgedaald. Ook hier was het pad niet helemaal
duidelijk omdat de helling vol met stenen ligt, maar met een beetje goed
zoeken en opletten lukte het ons om goed beneden te komen. Met mooi weer kun
je beneden een meer zien (Loch Etchachan), langs dit meer loopt het pad en is
een mooi referentiepunt. Het pad is niet moeilijk en echt steil wordt de
afdaling ook al niet. Het landschap is hier kaal, stenig en met sneeuwresten
langs het meer. Bij het meer zijn we rechts gegaan richting de Hutchison
Memorial Hut (een bothy). Het pad werd hier wel even wat steiler en je volgt
een naamloos riviertje. Toen we bij de bothy aankwamen was er net een groep
pubers met begeleiding neergestreken om daar te blijven slapen, wij zijn toen
maar een stukje doorgelopen en hebben aan de andere kant van de rivier een
plekje voor de tent gezocht.
 op weg naar de Hutchinson Hut
Hutchison Hut (700m) - Corrour Bothy (550m)
De volgende dag vertrokken we met zonneschijn richting de Corrour Bothy. Na
verschillende 'wegwerkzaamheden' en een helikopter die materialen kwam brengen
voor de werkmannen kwamen we in een nieuw dal terecht; de Glen Derry en ons
kleine doorwaadbare riviertje van gister was ondertussen een echte grote
rivier geworden. In dit dal doen ze iets met herten want er waren allerlei
hekken en afrasteringen waar we langs en door moesten, we hebben die herten
ook nog met z'n allen over de heuvels zien rennen, maar het was helaas te ver
weg om ze goed te kunnen zien.
Ons wandelpad werd ondertussen steeds breder en wordt zelfs een
karrenspoor, tot we bij een brug over de rivier kwamen. Het karrenspoor gaat
rechtdoor, maar wij zijn de brug overgestoken en daar kwamen we weer op een
echt wandelpad. We liepen toen aan de rechterkant van de rivier. Een klein
stukje na de brug liepen we het bos in en ook hier zagen we mooie
kampeerplekjes. Toen we weer uit het bos tevoorschijn kwamen stonden we weer
voor een nieuwe rivier met aan de overkant een bothy (Derry Lodge) en een
brug. Deze hut zag er op de een of andere manier erg bewoond uit en we hoopten
daar een kop thee en fatsoenlijk drinkwater te krijgen. Helaas was het
allemaal maar schijn; er was niemand, dus geen thee en fatsoenlijk water. Toen
maar weer terug de brug over en linksaf gegaan. Het pad werd wat verderop weer
breder tot we door een hek moesten. Toen we hier aangekomen waren was de zon
verdwenen en er kwamen steeds meer wolken, meer wind en daarna ging het hard
regenen, gelukkig hadden we die regen recht in ons gezicht.
Na een rivier over te zijn gestoken begon het pad serieus te stijgen langs
een heuvelrug, die heuvel bleven we volgen tot we een rivier in een nieuw dal
zagen (de River Dee). Aan de andere kant van de rivier zou een bothy (de
Corrour bothy) staan, maar door alle regen en wind duurde het erg lang voor we
hem zagen. In het hutje hebben we een tijdje zitten schuilen en we hebben
zelfs nog serieus overwogen om erin te slapen, maar omdat er geen hout was te
vinden om een haardvuur te maken bleef het ellendig koud in de hut. Gelukkig
werd het droog en dat was voor ons voldoende reden om gauw de tent op te
zetten en daarin te gaan slapen. Die avond kregen we bezoek van de herten, ze
kwamen heel dichtbij en ze leken helemaal niet bang voor ons. Dat was
eigenlijk wel raar, wij hadden altijd het idee dat 'wilde' dieren niets van
mensen moesten hebben, maar misschien waren deze herten niet zo wild als we
dachten.
 de Corrour bothy
Corrour Bothy (550m) - Lairig Ghru (835m) - parking (450m)
De volgende ochtend was het grijs en guur weer, maar gelukkig was het wel
droog. Voor vandaag hadden we de laatste etappe op het programma staan; we
wilden via de Lairig Ghru (een soort steensloot) afdalen en dan door het bos
terug naar de camping. We waren alleen aan het twijfelen of we wel echt door
het bos wilden want we hadden al gezien dat ze volop aan het bomen kappen
waren en om nou door een omgezaagd bos te lopen vonden we ook niet zo leuk.
Maar eerst moesten we door de Lairig Ghru, er zijn mensen die zeggen dat
het daar prachtig is, dus dat wilden we zelf ook wel eens zien. Eerst zijn we
teruggelopen naar het wandelpad en daar zijn we links gegaan. We bleven de
rivier (de River Dee) stroomopwaarts volgen en na een uurtje begon het pad te
stijgen op weg naar de steensloot. Tot onze verbazing werd het best druk met
mensen die van de andere kant kwamen om de Lairig Ghru te zien en te
belopen. Toch wel vreemd vonden we, want zo mooi was die steensloot tot nu toe
nou ook weer niet. Toen we bij het eigenlijke gedeelte van de Lairig Ghru
aankwamen zagen we wat het nou echt was; een enorm blokkenveld ingeklemd
tussen twee steile gruizige kale rotswanden. We zagen geen steenmannen die ons
de ideale route konden wijzen dus hebben we die zelf maar gezocht. Verdwalen
behoorde vandaag niet tot de mogelijkheden, want het was ons volkomen
duidelijk waar we naar toe moesten. De Lairig Ghru is zowaar een heuse pas
(835m) met in de aanloop en het afdaling alleen maar blokken. Nadat we drie
kwartier bergop over de blokken waren gelopen kwamen we bij het hoogste punt
waar het nu toch wel erg druk met mensen werd; we zijn toen maar snel
doorgelopen. Nadat we over de pas heen waren ging het blokkengebeuren vrolijk
door en na weer een uur stenenstappen waren we blij dat we weer op een gewoon
wandelpad uitkwamen. Langs dit pad was een steile afgrond en na een stuk lopen
zagen we ook een klein wild riviertje in de diepte.
 uitzicht vanaf de Ben Macdui
Hier hebben we een tijd lopen overleggen wat we zouden gaan doen, het weer
was nog steeds guur en we hadden de keuze om door het gekapte bos naar de
camping te lopen of om bij brug over de rivier via een naamloze pas naar de
weg te lopen en daar de bus aan te houden die ons naar de camping kon brengen.
Toen we bij de oversteek over de rivier kwamen konden we pas goed het dal
in kijken en daar zagen we dat er van het bos niet echt veel meer over
was. Bij deze oversteek zagen we ook het pad wat ons naar een andere pas
bracht en van daar konden we gemakkelijk bij de weg komen, hier hebben we snel
voor het laatste gekozen, het bos zag er echt te troosteloos uit. Het pad naar
de naamloze pas ging rechts gelijk stijl omhoog en na een pittig stuk stijgen
kwamen we op een grassig en redelijk vlak stuk, daarna volgde een nieuwe klim
op weg naar de pas. Toen we daar aankwamen zagen we dat deze pas het kleine
broertje van de Lairig Ghru kon zijn; een smal blokkenveld, wat nu echt een op
sloot leek, ingeklemd tussen twee steile rotwanden die vol met gruis en stenen
lagen. Door deze spannende sloot moesten we afdalen naar een goed
wandelpad. Dit blokkenveld vond ikzelf best eng, de stenen lagen absoluut niet
stabiel, kantelden weg onder onze voeten en de rotswanden zagen er erg
steenslaggevaarlijk uit. Gelukkig waren we er snel doorheen en konden we over
een comfortabel pad naar beneden lopen. Vanaf dit pad konden we ook het
skicentrum zien en we zagen ook de bus rijden. Het pad bleef eenvoudig te
volgen en toen we al bijna bij de weg waren zagen we de bus naar beneden
rijden. Het laatste stuk hebben we hard gerend om op tijd te zijn om de bus
aan te houden, maar helaas werkte de chauffeur niet zo mee, die reed vrolijk
door. Voor ons zat er niet veel anders op om dan maar langs de weg naar
beneden te lopen en bij de eerste de beste bushalte (bij een camping) die we
zagen te wachten op de volgende bus naar Aviemore.
op weg naar de Corrour bothy
|